Taakstraf en geldboete voor fraude met ov-chipkaarten

Rechtbank Rotterdam 6 februari 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:1101

De verdachte heeft zich in de periode van 1 tot en met 28 april 2014 meerdere malen wederrechtelijk toegang verschaft tot data van OV-Chipkaarten en heeft deze opgewaardeerd door middel van een kaartlezer die hij met dit doel in zijn bezit had en software die daartoe is gedownload op zijn laptop.

Vervolgens heeft hij deze kaarten aan anderen gegeven die zich het saldo op die kaarten verschillende malen contant hebben laten uitbetalen, waarna de kaarten weer werden opgewaardeerd. Door dit handelen is niet alleen vervoersbedrijf RET misleid, maar is ook Trans Link Systems als beheerder van het betaalsysteem benadeeld. Bovendien is door dit handelen het vertrouwen in het elektronische gegevensverkeer geschaad. Slechts door de alerte reactie van de afdeling clearing & settlement van TLS is aan dit handelen een einde gekomen en is de schade beperkt gebleven.

Inleiding

Het gaat in deze zaak – samengevat weergegeven – om verdenking van vier gevallen van computervredebreuk, het meermalen medeplegen van oplichting en het doen van een poging daartoe, alsmede het met het oogmerk om computervredebreuk te plegen daarvoor geschikte technische hulpmiddelen voorhanden hebben in Rotterdam in de periode van 1 april tot en met 28 april 2014.

Standpunt verdediging

De tenlastegelegde feiten kunnen niet bewezen worden.

Niet kan worden vastgesteld dat de verdachte OV-chipkaarten heeft gemanipuleerd en/of een technisch hulpmiddel voorhanden heeft gehad met als doel daarmee OV-Chipkaarten te manipuleren. Evenmin is voldoende bewijs in het dossier aanwezig dat de verdachte al dan niet samen en in vereniging met een of meer medeverdachte(n) Trans Link Systems (TLS) en of de Rotterdamse Elektrische Tram (RET) met gemanipuleerde OV-Chipkaarten heeft opgelicht en/of dit heeft geprobeerd. De verklaringen van de medeverdachten Naam medeverdachte 1 en Naam medeverdachte 2 kunnen niet bijdragen aan het bewijs, nu deze onbetrouwbaar zijn, terwijl er voor het overige onvoldoende bewijs is voor de tenlastegelegde oplichting en/of poging daartoe.

Beoordeling

Uit de aangifte blijkt dat TLS is opgericht om het nationale OV-chipkaartsysteem voor het openbaar vervoer te realiseren. TLS geeft de OV-chipkaarten uit en beheert de tegoeden van OV-chipkaarthouders. TLS is daarmee verantwoordelijk voor het hele systeem dat nodig is om van het betaalsysteem gebruik te kunnen maken. Door de afdeling clearing & settlement van TSL is melding gemaakt van verdachte transacties met OV-chipkaarten gedurende de periode van 15 tot en met 28 april 2014, waarbij het beginsaldo van de transactie niet gerelateerd kan worden aan het eindsaldo van de voorgaande transactie.

De feiten

Het saldo van de vier in de tenlastelegging genoemde OV-chipkaarten is toegenomen zonder dat in de systemen van TLS handelingen zichtbaar waren om die kaarten op te waarderen. Verschillende personen hebben vervolgens in de periode van 15 tot en met 28 april 2014 de betreffende kaarten voor een “refund” (teruggave in contant geld van het saldo op die kaarten) aangeboden aan de balie van het NS-station te Rotterdam (de NS) of bij de servicewinkel van de RET. Die personen hebben telkens het gehele kaartsaldo contant uitbetaald gekregen.

Op 21 april 2014 is op twee verschillende tijdstippen door dezelfde persoon (mevrouw Naam medeverdachte 3, naar later bleek de partner van de verdachte) dezelfde kaart aangeboden voor een refund, terwijl uit het systeem bleek dat tussentijds het saldo van die kaart niet was opgewaardeerd. Toen mevrouw Naam medeverdachte 3 met deze constatering werd geconfronteerd is zij weggegaan en heeft zij de OV-Chipkaart achtergelaten.

Bij een huiszoeking op 16 december 2014 is bij de verdachte een laptop aangetroffen met daarop software die het mogelijk maakt om OV-Chipkaarten te manipuleren en software om kaartlezers van een bepaald type te laten functioneren. In de auto van eerdergenoemde mevrouw Naam medeverdachte 3 is eenzelfde type kaartlezer aangetroffen.

Duiding van de feiten en de rol van de verdachte

Naar het oordeel van de rechtbank is het de verdachte geweest die de OV-Chipkaarten heeft gemanipuleerd. Dit volgt uit de verklaringen van Naam medeverdachte 1 en Naam medeverdachte 2. Hoewel zij bij de rechter-commissaris uitgebreider en op onderdelen andersluidend hebben verklaard dan eerder bij de politie, verschillen die verklaringen in hoofdlijnen niet van elkaar.

De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding te twijfelen aan de betrouwbaarheid van hun verklaringen.

Die verklaringen wordt bovendien ondersteund door de uitkomsten van het onderzoek aan de in de woning van de verdachte in beslag genomen laptop MSI U100 die, zoals de verdachte heeft verklaard, van hem is. Daarop bleken bestanden aanwezig die als kopie zijn opgeslagen onder een andere Naam dan de originele in een door de gebruiker van die laptop aangemaakte map “Naam”, waarbij de originele bestanden zijn verwijderd. Met die software is het mogelijk OV-Chipkaarten te manipuleren en een kaartlezer te laten functioneren van hetzelfde type als welke in de auto van de vriendin van de verdachte, eerdergenoemde mevrouw Naam medeverdachte 3, is aangetroffen. Zij heeft voor de aanwezigheid van die kaartlezer geen aannemelijke verklaring gegeven.

De rechtbank is op grond van het hiervoor genoemde van oordeel dat de verdachte de beschikking had over een laptop en een kaartlezer en dat de op die laptop aangetroffen software hoofdzakelijk is ontworpen om het plegen van computervredebreuk mogelijk te maken, te weten het manipuleren van OV-Chipkaarten. Het opzet hierop is een gegeven, aangezien gebleken is dat de manipulatie daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en hiervoor is vastgesteld dat het de verdachte is geweest die de OV-Chipkaarten heeft gemanipuleerd. Het verweer van de verdediging wordt verworpen.

Voorts staat op grond van zich in het dossier bevindende bewijsmiddelen vast dat in ieder geval de medeverdachten Naam medeverdachte 1 en Naam medeverdachte 2 in de periode 15 tot en met 28 april 2014 verschillende malen door de verdachte gemanipuleerde OV-Chipkaarten hebben aangeboden voor een refund en dat zij het gehele saldo dat ogenschijnlijk op die kaarten stond, contant hebben ontvangen. Ook staat vast dat Naam medeverdachte 3 op 21 april 2014 heeft geprobeerd een refund te verkrijgen met behulp van een door de verdachte gemanipuleerde OV-Chipkaart.

Medeplegen

TLS en/of de RET zijn door bovengenoemde oplichtingshandelingen meerdere malen bewogen tot afgifte van geldbedragen, waarbij het eenmaal bij een poging daartoe is gebleven. De betrokkenheid van de verdachte bij deze feiten blijkt uit de verklaringen van Naam medeverdachte 1, Naam medeverdachte 2 en Naam medeverdachte 3 en kan niet anders worden aangemerkt dan het medeplegen van deze feiten. In dat kader overweegt de rechtbank dat Naam medeverdachte 1 heeft verklaard dat zij met meerdere mensen waaronder de verdachte naar het Rotterdam Centraal Station is gegaan met het doel geld van die pasjes te halen, dat de verdachte haar vertelde wat zij moest zeggen, dat hij in de auto bleef wachten en dat zij een deel van het geldbedrag aan hem heeft afgestaan. Ook Naam medeverdachte 2 heeft in lijn daarmee verklaard dat hij pasjes had gekregen van de verdachte, dat hij daarmee geld heeft gehaald en dat de verdachte bij die gelegenheid in de auto bleef zitten.

Bewezenverklaring

  • Feit 1: computervredebreuk, meermalen gepleegd;

  • Feit 2: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;

  • Feit 3: medeplegen van poging tot oplichting;

  • Feit 4: met het oogmerk dat daarmee een misdrijf als bedoeld in artikel 138ab, eerst lid, 138b of 139c van het Wetboek van Strafrecht wordt gepleegd, een technisch hulpmiddel dat hoofdzakelijk geschikt gemaakt of ontworpen is tot het plegen van een zodanig misdrijf, voorhanden hebben.

Strafoplegging

  • geldboete van €2.000

  • taakstraf voor de duur van 60 uren

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF